Background Wave Background Wave
Strand
Marker
strandkrab
Play Icoon Pause Icoon
Afspelen
Pauzeren
Play Icoon Pause Icoon
0:00 / 0:00
Volume Full Icoon Mute Icoon
Fullscreen Icoon
Discovery Icoon
Wat ben je tegen gekomen in deze clip?
Klik hier
Discovery Icoon
Wat ben je tegengekomen in deze clip?
Klik op een naam om de clip te bekijken
Kijk snel verder om meer te ontdekken!
strandkrab

Een strandkrab is bijna nooit alleen. Op zijn pantser liften allerlei organismen mee: muiltjes, mosdiertjes, zeepokken. Ze eten symbiotisch aan dezelfde tafel, zonder dat ze elkaar storen. Dat noemen we commensalisme. Strandkrabben zijn omnivoren, en de opruimers van het waddengebied. Dode dieren (inclusief hun eigen soortgenoten) worden ogenblikkelijk opgeruimd.

In de zomernachten jagen strandkrabben op het wad en strand. In de winter trekken ze naar dieper, warmer water. Tijdens laagwater kun je hen over het strand zien lopen. De strandkrab loopt zijwaarts.

Door hun harde pantser kunnen krabben niet makkelijk groeien. Om groter te worden moeten ze vervellen. Ze krijgen dan alles nieuw: van schild en ogen tot scharen en kieuwen. Ook een verloren ledemaat, groeit dan weer terug.

De eerste uren na de vervelling zijn de pantsers nog zacht. Dit is ook het moment voor het vrouwtje om te paren. Mannetjes ruiken wanneer vrouwtjes toe zijn aan vervelling en strijden met elkaar om het vrouwtje. Na de bevruchting houdt het vrouwtje de eitjes vast onder haar staart. Deze eitjes groeien in de zomer uit tot vele duizenden mini-krabjes.

Een strandkrab is bijna nooit alleen. Als je goed naar zijn harde buitenkant, zijn pantser, kijkt, zie je dat daar heel veel dieren leven: zeepokken, muiltjes, mosdiertjes. Allemaal meelifters die zo ook aan voedsel kunnen komen. Strandkrabben zijn alleseters en de opruimers van het waddengebied.

Zeekrabben kunnen niet makkelijk groeien; in hun harde pantser is namelijk geen beweging te krijgen. Om groter te worden moeten ze vervellen. Ze krijgen dan alles nieuw: van schild, ogen tot scharen en kieuwen. Ook een verloren ledemaat, groeit dan weer terug.

Krabben paren als het pantser van het vrouwtje nog zacht is. Na de bevruchting houdt het vrouwtje de eitjes vast onder haar staart. Deze eitjes groeien in de zomer uit tot vele duizenden mini-krabjes.

Weet je hoe je het verschil ziet tussen een vrouwtjes- en een mannetjeskrab? Dan moet je eens kijken naar de staart op zijn buik. Als deze breed en rond is, dan is de krab een vrouwtje. Als het achterlijf smal, spits en driehoekig is, dan is het een mannetje.

In de zomernachten jagen strandkrabben op het wad en strand. In de winter trekken ze naar dieper, warmer water.

Volgende Avontuur?
Ga door naar Kwal
cross-icon
Meer informatie over hoe je 360 optimaal kunt bekijken? Hier vind je al onze 360º video's met een handige uitleg!